Dwars door IJsland
IJsland had eigenlijk Groenland moeten heten. De Vikings die er als eersten voet aan land zetten, wilden echter niet te veel pottenkijkers op hun nieuw ontdekte eiland, dus gaven ze het een kille naam. Dat het eiland in de noordelijke Atlantische Oceaan allesbehalve een ijzig land is ontdekte onze redacteur Rudi De Latter. Hij maakte een avontuurlijke trektocht met de terreinwagen en liet zich verrassen door de overweldigende natuur.
We rijden al uren door een desolaat landschap wanneer we plots op de rem moeten voor een wassende rivier. Onze jeep heeft ons tot nu probleemloos over de slechtste paden in het binnenland van IJsland gestuurd en we hebben al een paar beken moeten oversteken, maar dit is andere koek. Geheel onbekend terrein.
Aan de overkant zien we de hut waar we heen moeten. Er staan auto’s en we zien mensen naar de rand van het water stappen. Die hebben ons gezien en hopen allicht spektakel te krijgen. Plots staan we in het midden van de belangstelling; straks misschien in het midden van het snelstromende water. Terugkeren is geen optie, want dan moeten we meer dan tweehonderd kilometer omrijden en het is al laat in de namiddag. We krijgen hulp uit onverwachte hoek. Achter ons is een monster van een jeep verschenen. Twee mannen stappen uit en komen naar ons toe. Je kan het zo van hun gezichten aflezen: weer een koppel onbezonnen toeristen dat stoer wil doen. Maar schijn bedriegt. Ze overleggen even en stellen dan voor om ons te helpen.
We leggen uit dat dit niet de eerste keer is dat we door water moeten. We hebben al wat ervaring opgedaan, maar hier hebben we geen overzicht op de situatie.
Zij gaan als eersten door het water en al wat we moeten doen, is goed opletten welk spoor ze volgen. Aan de overkant zullen ze wachten – hun wagen beschikt over een kabelwinch, je weet maar nooit. ,,Let vooral goed op de wielen van de aanhangwagen”, vertelt een van onze helpers. ,,Als die half in het water verdwijnen, kan je er zonder problemen door.” Ze hebben goed praten: hun jeep staat op banden van anderhalve meter hoog. Zoals we hen de oversteek zien maken, lijkt het moeilijker dan het is. We trachten hun traject zo goed mogelijk te onthouden en zetten de versnelling in de laagste stand. Ramen dicht, voet op het gaspedaal. Het water loopt meteen over de motorkap: dit is meer dan een half wiel diep! Stampend zoekt onze jeep zich een weg. Halfweg komt de neus van de wagen hoger om daarna terug weg te zakken. ,,Vooral de voet op het gaspedaal houden,” was ons gezegd, ,,anders valt de motor stil!” De overkant komt traag dichterbij. Het water duwt de jeep naar links en af en toe slippen de wielen door. Het lijkt wel of we gaan drijven! We voelen veel ogen op ons gericht maar uiteindelijk bereiken we zonder grote problemen de overkant.
Muggen en rotte eieren
Je komt op IJsland regelmatig voor dit soort verassingen te staan, zeker als je het binnenland doortrekt. Dat die ook zeer aangenaam kunnen zijn, leerde ons een andere ervaring, op een verlaten stuk weg ergens aan de noordkust.Voor ons slingert de weg zich door een lavaveld, een doordringende geur van rotte eieren hangt in de lucht. Het is al een poos prachtig weer maar in de verte hangt toch een soort mist over het wegdek. Het wordt snel duidelijk dat die afkomstig is van een dampend meer aan de rand van de weg. We weten dat er op IJsland een aantal van die natuurlijke meren zijn en dat het water aangenaam warm tot zeer warm is. Aangezien we ons hele huishouden meeslepen op deze reis, is het even zoeken naar zwemgerief maar dan wagen we de duik. Het is enig om in water van 35 graden in deze plas rond te zwemmen. De zwavelstank nemen we er graag bij – daar geraak je op IJsland trouwens snel aan gewend.
Waar we níet aan kunnen wennen, zijn de ontelbare muggen die je het leven zuur maken. Vooral rond het meer van Myvatn (letterlijk: muggenmeer) zijn de irritante beestjes uitermate talrijk. Bij een wandeltocht door een kraterveld aan de rand van het meer zwermen er hele wolken om ons hoofd. Muskietnetten zijn hier pure noodzaak. Het is geen gezicht met zo’n ding op je hoofd en het belemmert het uitzicht, maar de muggen hou je er wel mee op afstand. En voor Myvatn moet je het over hebben, want dat is zowat de speeltuin van IJsland: hier vind je alles wat het land aan natuur te bieden heeft.
Praktisch
Vlucht: Icelandair vliegt dagelijks vanuit Amsterdam en Londen. De bus van de luchthaven van Reyjavik (Keflavik) doet onderweg het geothermisch waterparadijs Blue Lagoon aan.
Transport: Voor de ringweg rond IJsland volstaat een gewone auto. Wil je de grindpaden door het binnenland op dan huur je beslist een terreinwagen. Opgelet, schade aan de onderkant van de wagen, aan banden en ruiten en ook waterschade bij rivierdoorsteken wordt nooit gedekt. Benzinestations liggen ver uit elkaar en zijn totaal afwezig in het binnenland. Extra brandstof meenemen is soms nodig.
Eten en drinken: Niet goedkoop, zeker niet in restaurants maar bij half-pension in hotels ben je niet duurder af dan in Belgie.
Overnachten: Ruime keuze aan de kust (hotels, gastenkamers en campings) maar niet in het binnenland.
www.icetourist.de
www.ijsland.com
www.myvatn.is
www.bluelagoon.com
Het Nieuwsblad 20-05-2006
© 2006 Corelio
